Inclusief lokaal beleid
Agenda 22
De realisatie van Agenda 22
Wat is een goed beleidsplan?
Bij Agenda 22 is er sprake van twee inventarisaties:

1. In welke mate voldoet de gemeente aan de standaardregels?
2. Welke zijn de behoeften van mensen met een beperking?

Het is de bedoeling dat het lokaal beleidsplan de kloof tussen beide probeert te dichten.

Een goed beleidsplan houdt rekening met mensen met een beperking en voldoet aan een aantal principes.
De standaardregels gelden als richtlijnen en vormen het raamwerk voor beide analyses.

Aandachtspunt: belang van mainstreaming
Agenda 22 legt veel nadruk op maatregelen die voor iedereen van toepassing zijn. Dit betekent geenszins dat individuele maatregelen (vb. toekenning van hulpmiddelen) niet meer nodig zouden zijn.
Heb respect voor verschillen tussen mensen (mannen en vrouwen, mensen met een handicap en anderen, enz.) op elk domein. Slechts wanneer het niet anders kan, kunnen ‘aparte’ (bij voorkeur tijdelijke) maatregelen zinvol zijn.

Van idee naar beleidsplan
Het eigenlijke werk gebeurt in 5 stappen.
1. Inventarisatie van de gemeentelijke activiteiten a.d.h.v. de standaardregels
2. Inventarisatie van behoeften van personen met een handicap
3. Bepalen prioriteiten
4. Opstellen van het beleidsplan
5. Goedkeuring van het beleidsplan

Inventarisatie van de gemeentelijke activiteiten

Toets alle gemeentelijke activiteiten (infrastructuur, aanbod aan diensten, …) aan alle standaardregels.
Spreid dit omvangrijke werk eventueel over meerdere jaren.
Betrek hierbij (vertegenwoordigers van) belangenorganisaties.

Inventarisatie van behoeften van personen met een beperking
Breng alle behoeften van de verschillende doelgroepen in beeld.
Vraag elke vereniging om een inventaris van alle behoeften te maken.

Prioriteiten bepalen
Stel een werkgroep samen. Streef hierbij naar een evenwicht tussen het aantal medewerkers van de gemeente en het aantal vertegenwoordigers van belangenorganisaties.
Deze werkgroep kan de rapporten van alle verenigingen bundelen en deze vergelijken met de gemeentelijke inventaris.
Op basis van deze analyse kan het beleidsplan opgesteld worden.

Tip. Wanneer de kloof tussen beide inventarisaties groot is, wordt best met meerjarenplannen gewerkt.

Neem van bij de opmaak van plannen voor activiteiten en ruimtelijke ordening reeds de behoeften van mensen met een beperking op. Concreet betekent dit dat bij het formuleren van doelstellingen, bij reorganisaties, wanneer er gebouwd of verbouwd wordt, … gekeken wordt naar de behoeften van mensen met een beperking.

Het kan handig zijn om eerst een specifiek plan te ontwikkelen en dit nadien domein per domein te implementeren in het globaal beleidsplan.
Daarnaast kunnen maatregelen genomen worden die bepaalde groepen tijdelijk extra aandacht geven om hun gelijke kansen te garanderen.
Een andere mogelijkheid is bepaalde activiteiten kiezen die prioritair behandeld worden.

Opstellen van het beleidsplan
Doelstellingen worden vastgelegd en omschreven vanuit een visie op gelijkwaardige maatschappelijke participatie van alle burgers.

Het eenvoudigste is om deze visie steeds te baseren op de openingszin van elke VN-standaardregel.

Streef naar heldere doelstellingen en concrete maatregelen.
Vermeld ook hoe dit zal gebeuren, wanneer, met welke middelen en wie hiervoor verantwoordelijk is.

Goedkeuring
Het beleidsplan wordt goedgekeurd door de gemeenteraad, zodat dit van toepassing wordt op alle gemeentelijke activiteiten.
 
Meer weten?